Aanrijding auto met wild dier: wel of niet verzekerd?

wild dier dat aangereden kan worden

Informatie auteur: dit artikel werd geschreven en/of inhoudelijk gecontroleerd door gecertificeerd autoverzekeringsexpert Ruud de Laat.

In Nederland komen op steeds meer plekken wilde herten, reeën en zwijnen voor. Fantastisch voor natuurliefhebbers, maar desastreus voor autoverzekeraars. Jaarlijks doen zich namelijk zo’n 5.500 botsingen voor met grofwild, met een gemiddeld schadebedrag van ruim EUR 1.900,-. Vooral in bosrijke gebieden is het vaak raak, en dan met name in de bronsttijd. Ondanks voorzorgsmaatregelen als snelheidsbeperkingen, ecoducten, hekwerken, waarschuwingsborden en wildrasters. (bron)

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in…

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

Met je auto een dier aanrijden, is niet alleen een uiterst vervelende ervaring in emotioneel opzicht. De schade aan je auto kan desastreus zijn. De impact van een vogeltje, egeltje of eekhoorntje is te overzien. Cru gezegd: je rijdt er probleemloos overheen. Maar een aanrijding met een wild paard, wild rund, wild zwijn of wilde hert-achtige (ree, edelhert of damhert) kan met gemak een total loss-verklaring van je auto tot gevolg hebben. En zelfs een zwaan, haas, konijn, gans, eend, roofvogel of houtduif op je voorruit kan behoorlijke schade veroorzaken. Het ligt maar nét aan jouw snelheid en het punt van impact.

In onderstaand artikel behandelen we alles over schade door aanrijdingen met wilde dieren en de verzekeringstechnische gevolgen ervan…

Hoe ontstaan aanrijdingen met dieren?

Veruit de meeste aanrijdingen met dieren vinden plaats op het moment dat een dier onverwachts de weg oversteekt, vlak voor een passerende auto. Hoe kleiner de afstand tussen de oversteek en de auto, des te korter de potentiële remweg. Hoe sneller de auto rijdt, des te kleiner de kans dat er op tijd kan worden geremd en hoe harder de klap. En hoe omvangrijker en zwaarder het overstekende dier, des te forser de impact. 

’s Avonds en ’s nachts gebeuren veruit de meeste aanrijdingen met in het wild loslopende dieren. Simpelweg omdat je ’s nachts minder goed ziet. Dit heeft te maken met de reikwijdte van je zicht, maar ook met de reikwijdte van je koplampen. Als een roedel herten in het pikkedonker oversteekt, focus jij jouw ogen veelal op het voorste dier… Waardoor je vervolgens frontaal een hert aanrijdt dat de roedelleider blindelings volgde.

Waarom steken dieren altijd nét voor een auto de weg over?

Dieren worden in hun beslissingen nóg sterker beïnvloed door stress dan mensen. En factoren als autosnelwegen (open terrein, waarop een dier kwetsbaar is), voorbijrazende auto’s en vrachtauto’s (hectiek, waardoor de zintuigen worden overprikkeld), én menselijke aanwezigheid an sich (deels aangeboren, deels aangeleerde angst) kunnen tot verregaande stress en nervositeit leiden. Het zijn dus dierlijke emoties en instincten die zorgen voor schrikreacties en snelle c.q. domme beslissingen, met alle gevolgen van dien. Kortom: een gestrest dier dat schrik wordt aangejaagd, neemt een beslissing die verkeerd uitpakt.

Zeker ’s nachts kan het schrille contrast tussen de donkere omgeving en de felle koplampen voor een enorme schrikreactie uitlokken.

Bronsttijd van ree, damhert en edelhert

Van half juli tot half oktober loopt de bronsttijd van Nederlandse hert-achtigen. Bronstige mannetjes maken jacht op vrouwtjes met het oog op voortplanting. Bronstige reebokken en hertenbokken zijn vanwege hun hormonale gedrevenheid onwaarschijnlijk onvoorzichtig in de bronsttijd, waardoor de kans vele malen groter is dat ze ondoordacht en onverwachts een autoweg oversteken. Ook hinden die achternagezeten worden door bronstige bokken zijn minder schuw en sneller geneigd een weg over te steken, zonder oog voor voorbijrazend wegverkeer.

De bronstperiode van reeën loopt van half juli tot half augustus… De bronsttijd van edelherten van half september tot begin oktober… En de bronst c.q. paartijd van damherten beslaat de tweede helft van oktober.

Plotsklaps remmen of toch doorrijden!?

Uit schrik zal je geneigd zijn te remmen of uit te wijken zodra er plots een dier voor je auto opdoemt. Toch dien je óók rekening te houden met medeweggebruikers; zéker als je met grote vaart op een drukke snelweg rijdt. Als je daarmee het overige wegverkeer in gevaar brengt, is remmen voor overstekend wild GEENSZINS verplicht. En een onverwachte krachtige noodstop of impulsief uitwijken, kan desastreus uitpakken. In bepaalde gevallen is doorrijden dan ook de enige plausibele optie. (bron

Het verkeersreglement eist echter wel dat elke bestuurder in alle omstandigheden moet kunnen stoppen voor een hindernis die redelijkerwijs kan worden voorzien. Voor een schadeclaim moet dan ook aannemelijk kunnen worden gemaakt dat er sprake was van een belemmering die zodanig plots, onverwacht en dichtbij opdook dat de normaal aandachtige weggebruiker deze niet tijdig kon zien of vermijden, zónder daarbij zichzelf of derden in gevaar te brengen. (bron)

Dus doorrijden, remmen of uitwijken? Dit is afhankelijk van de exacte situationele omstandigheden!

Ben ik verzekerd voor aanrijdingen met dieren?

Duikt er onverwachts een wild of loslopend dier voor je auto op en bots jij tegen dat dier met jouw voertuig? Dan kan de ontstane materiële schade aan je auto logischerwijs niet worden verhaald op dat dier. Aangezien wilde dieren niemands eigendom zijn, kan de schade evenmin worden verhaald op een eigenaar. Ditzelfde geldt dus óók voor (al dan niet in het wild geboren) zwerfhonden, zwerfkatten, verwilderde huiskatten en wilde katten. Het enige waar je mogelijkerwijs op kunt terugvallen, is jouw eigen autoverzekering…

1. WA-dekking = géén vergoeding van ‘wildschade

Heb je slechts een ‘kale’ WA-verzekering voor jouw auto afgesloten? Dan ben je überhaupt niet verzekerd voor schade aan de eigen auto; dus óók niet voor schade door een aanrijding met een wild dier. Ook het Waarborgfonds doet niets met dit soort aanrijdingsschades, aangezien er géén sprake is van een schade door toedoen van een ander motorrijtuig. Met een WA-autoverzekering draai je dus 100% zélf op voor de schade.

2. Cascodekking = wél vergoeding van botsing met wild

Is jouw auto casco verzekerd? Dus heb je een beperkt cascoverzekering (WA+) óf volledig cascoverzekering (allrisk) voor jouw auto afgesloten? Dan ben je —onder cascodekking— wél verzekerd voor aanrijdingen oftewel botsingen met wilde dieren. Hier kleven echter wel bepaalde voorwaarden aan vast:

  • Het wilde dier in kwestie moet plots en onverwachts voor de auto opduiken (‘van buiten komend onheil’).
  • Het betreffende dier mag geen eigenaar hebben; deze dekking geldt dus NIET voor botsingen met gedomesticeerde ‘boerderijdieren’ zoals paarden, koeien, schapen, geiten en ezels.
  • Kan de eigenaar van een loslopend dier niet worden achterhaald c.q. getraceerd? Dan is er doorgaans wél sprake van dekking.
  • De schade moet (direct) ontstaan zijn dóór de botsing met het dier zélf, dus niet (indirect) doordat je uit schrik gas geeft, extreem krachtig remt of uitwijkt en ergens tegenaan rijdt.
  • Je moet aantoonbaar kunnen maken dat het een loslopend dier is geweest waarmee je in botsing bent geweest; maak dus ALTIJD foto’s van het aangereden dier of sporen ervan.
  • Veel verzekeraars eisen dat er politie-aangifte wordt gedaan van een aanrijding met wild; sommige vragen ook om eventuele getuigenverklaringen of een verklaring van faunabeheer.
  • Je verzekeraar dient tijdig op de hoogte te worden gesteld. Vul direct een schadeformulier in en maak foto’s van de aanrijdingssituatie en -schade.

Een aanrijding met loslopend wild (onder beperkt casco ‘natuurdekking’) gaat overigens niet ten koste van je schadevrije jaren en no-claimkorting indien jij hiervoor je autoverzekering inschakelt. Na een dergelijke beperkt-cascoclaim ga je dus NIET meer premie betalen. Wel geldt veelal een eigen risico van plusminus 150 euro, waardoor je de eerste 150 euro van het schadebedrag uit eigen zak moet betalen.

Eventuele gevolgschade (bijvoorbeeld door een uitwijkmanoeuvre, slippen, macht-over-het-stuur-verliezen en van-de-weg-raken, waardoor je een boom ramt of in een sloot of greppel terechtkomt) is overigens uitsluitend verzekerd bij allriskdekking en zal bij claimen wél premiegevolgen hebben.

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in…

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

Wat moet je doen als je een dier aanrijdt?

In principe ben je te allen tijde verplicht om bij een aanrijding met een in het wild levend dier melding te doen bij de politie. De politie kan vervolgens faunabeheer inschakelen. De taak van de faunabeheerder is afhankelijk van de staat van het aangereden dier: op slag dood, zwaargewond, lichtgewond of enkel in shock. Is er sprake van een hulpbehoevend dier? Dan ben je in ieder geval wettelijk verplicht hulp te verlenen navenant de ‘Wet dieren’ (hoofdstuk 2, paragraaf 1, artikel 2.1): “Eenieder verleent een hulpbehoevend dier de nodige zorg.” (bron) In tegenstelling tot wat veel websites vermelden, is artikel 7 van de Wegenverkeerswet 1994 NIET van toepassing op wilde dieren. (bron)

Hoewel alle dierenleed vreselijk is, is er in de praktijk een groot verschil tussen klein wild enerzijds en groot wild anderzijds. Een categorisering zou er als volgt uit kunnen zien:

  • Grofwild en grote grazers: paard (konik, exmoor, przewalski, hucel, sorraia e.a.), rund (Schotste hooglander, rode geus e.a.), bison (winsent e.a.) ree, hert en zwijn.
  • Middelgroot wild: wolf, vos, zwaan, das, haas, gans, fazant en roofvogels zoals buizerd, havik e.a.
  • Klein wild: konijn, marter, bunzing, wezel, hermelijn, houtduif, patrijs, eend, hoen, fuut, koet, eekhoorn, egel, rat, muis, kikker pluimwild en klein gevogelte.

Het overrijden van een egeltje is onderaan de streep iets totaal anders dan het aanrijden van een damhert. Klapt er een musje of meesje tegen je voorruit? Dan kan een politieagent of faunabeheerder daar in praktisch opzicht weinig mee. Cru gezegd, zal faunabeheer niet uitrukken om een platgereden egel, pad of merel van het wegdek te schrapen. Vooral hulpbehoevende dieren hebben de hoogste prioriteit. (bron +bron + bron)

Dierenambulance, dierenpolitie, dierenbescherming & faunabeheer

Hoe groter en zwaarder het aangereden dier, des te impactvoller de aanrijding. Vooral aanrijdingen met grote zoogdieren c.q. hoefdieren moeten direct worden gemeld bij de politie (0900-8844). Maar ook een aanrijding met een das, vos of marter dient te worden gemeld. Zéker als een dier nog in leven is en medische hulp behoeft, óók als het na de klap is opgestaan en weggerend; dus niet is blijven liggen. Géén actie ondernemen, is geen optie. Doorrijden kan namelijk onnodig dierenleed tot gevolg hebben.

Een dood of gewond dier kan zelfs het overige wegverkeer in gevaar brengen. Probeer zo goed mogelijk de locatie van de aanrijding door te geven en wacht tot de agent of hulpverlener ter plaatse is.

Exacte locatie van aanrijding doorgeven

Is een dier gewond of anderszins in nood? Bel dan desnoods óók het alarmnummer van je verzekeraar, de Regionale Dierenambulance of nationale dierenpolitie (meldpunt 144 – red een dier)! Via 114 kunnen namelijk inspecteurs van de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) uitrukken. Agenten, inspecteurs, jachtopzieners en faunabeheerders kunnen gewond geraakte en vervolgens in paniek gevluchte dieren opsporen en —indien nodig— uit het lijden verlossen en afvoeren. Geef daarom zo accuraat mogelijk de aanrijdingslocatie door, bijvoorbeeld aan de hand van GPS-coördinaten van je mobieltje. Neem aangereden dieren nooit meer naar huis!

Bij een aanrijding bel je in principe altijd de politie; de politie kan indien nodig faunabeheer inschakelen of een relevante werkgroep of stichting raadplegen. Hierbij valt te denken aan de meldkamer van de dierenambulance, Stichting Wildaanrijdingen Nederland (SWN) of Stichting Afhandeling & Monitoring Fauna-aanrijdingen (SAMF). (bron)

Onderscheid wild dier & huisdier

Bij het aanrijden van dieren dient onderscheid te worden gemaakt tussen in het wild levende dieren enerzijds en loslopende huisdieren anderzijds. Échte wilde dieren hebben immers geen eigenaar die aansprakelijk kan worden gesteld voor schade. Voor huisdieren geldt dat wél. Als een huisdier (hond, kat o.i.d.) of hobbydier (geit, kip o.i.d.) losloopt, is dat simpelweg de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het betreffende dier.     

Huisdier (iemands eigendom) aangereden…

Voor dieren die WEL iemands bezit / eigendom zijn, is de bezitter / eigenaar aansprakelijk.Bij autoschade door een loslopend huisdier (hond, kat e.a.) of ontsnapt boerderijdier (schaap, geit e.a.) kun je ontstane autoschade dan ook proberen te verhalen op de risicoaansprakelijke eigenaar van het betreffende dier

1. Met WA-dekking schade verhalen op dierenbezitter

Heb je enkel een WA-autoverzekering? Dan zal je eigenhandig verhaal moeten halen bij de aansprakelijke huisdierbezitter; dus buiten jouw autoverzekeraar om. Wordt er niet vrijwillig meegewerkt door de aansprakelijke wederpartij c.q. tegenpartij? Dan kun je wellicht beroep doen op jouw rechtsbijstandverzekering of een verhaalservice; deze kan jou bijstaan bij het verhalen van de schade.

Is jouw auto casco verzekerd? Dan neemt jouw autoverzekeraar jou alles uit handen en hoef je zelf niets te doen…

2. Met cascodekking schade verhalen op dierenbezitter

Als jouw auto materiële schade oploopt doordat jij een loslopend dier aanrijdt, zal jouw casco-autoverzekeraar altijd willen weten of het aangereden dier een eigenaar heeft. Als loslopende dieren in iemands bezit zijn, kan autoschade —toegebracht door het betreffende loslopende dier— namelijk worden verhaald op diens eigenaar.

Jouw cascoverzekeraar zal er allereerst voor zorgen dat je de schade kunt laten repareren bij een schadeherstelbedrijf. Vervolgens zal de verzekeraar de schade (inclusief eventueel eigen risico) verhalen op de aansprakelijke dierenbezitter.

Nooit doorrijden na aanrijding huisdier!

Dood of verwond jij met jouw auto iemands loslopende kat of hond? Dan heb je in zekere zin stoffelijke schade toegebracht aan de eigenaar van het aangereden dier. Jij als betrokkene bent dan ook verplicht om ter plaatse te blijven en samen met de eigenaar of bewaker van het dier over te gaan tot de nodige (juridische en verzekeringstechnische) vaststellingen. De huisdiereigenaar kan de schade vervolgens proberen te verhalen op een eventuele AvP (Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren) of AvB (bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering).

Op de AvP zijn huisdieren en hobbydieren meeverzekerd; op de AvB zijn bedrijfsmatig gehouden dieren zoals vee meeverzekerd, indien er sprake is van een paarden- en veeverzekering. 

Eigenaar dier achterhalen

Is van een aangereden (gedomesticeerd c.q. gecultiveerd) dier —zoals een loslopende hond of kat of ontsnapt schaap of geit— de eigenaar niet ter plaatse, onbekend en/of onvindbaar? Doe dan zo spoedig mogelijk politie-aangifte; de politie kan namelijk een eventuele microchip laten uitlezen. In principe kunnen politiebureaus zélf ID-chips en –transponder uitlezen, maar soms laten ze dit doen door een asiel, opvangcentrum of dierenarts. Indien een hond of kat ontsnapt, ver van huis en niet gechipt is, kan het achterhalen van de eigenaar lastig worden. 

Kan de eigenaar ook na aangifte niet worden achterhaald? Helaas kan er dan uitsluitend worden teruggevallen op jouw eventuele eigen cascoverzekering.

Wie heeft schuld?

Is een aangereden huisdier netjes aangelijnd? Dan bestaat de kans dat jij schuld hebt en aansprakelijk bent. Dit geldt met name als je te hard of roekeloos reed… Of als men kan aantonen dat je gemakkelijk en veilig voor het aangelijnde dier had kunnen stoppen.

Loopt een huisdier los op een plek waar het niet mag loslopen? Dan is vrijwel altijd de eigenaar nalatig en aansprakelijk, ongeacht (het antwoord op) de schuldvraag; met sporadische uitzondering van overmacht of noodweer. Dit biedt mogelijkheid tot aansprakelijkstelling, regres of schadeverhaal.

Heb je een stukje eigen risico moeten voorschieten, dan zal ook dat bedrag worden verhaald op de eigenaar van het loslopende dier.

Tóch de eigenaar van een wild dier aansprakelijk stellen!?

Bij het aanrijden van dieren dient in verzekeringstechnisch opzicht onderscheid te worden gemaakt tussen loslopende huisdieren enerzijds en dieren in het wild anderzijds. Wilde dieren hebben (in klassieke zin) namelijk géén eigenaar die aansprakelijk kan worden gesteld. Dit is immers het hele idee van in het wild levende dieren.

Toch kun je in bepaalde gevallen de ‘eigenaar’ oftewel beheerder van wilde dieren aansprakelijk stellen voor schade die door desbetreffende dieren wordt toegebracht. Dit kan uitsluitend indien kan worden aangetoond dat de beheerder van een beheerd leefgebied c.q. natuurgebied zoals een Nationaal Park, Provinciaal Landschap of Gemeentebos (Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, provincie, gemeente e.a.) nalatig is geweest. (bron)

Bijvoorbeeld op het gebied van regelgeving of bebording… of in het onderhoud van afrastering en wildroosters.

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in…

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

Vandalisme door dieren!?

In dit artikel gaat het over het al dan niet verzekerd zijn van autoschade door een BOTSING met een loslopend dier. Zo’n dier kan in het wild leven of iemands eigendom zijn. Náást aanrijdingsschade kan een dier ook op andere manieren schade toebrengen aan jouw auto. Dit staat ook wel bekend als ‘dierenvandalisme’ of ‘dierlijk vandalisme’. Ter illustratie:

  • De kat van de buren gebruikt jouw auto als krabpaal.
  • Je parkeert je auto pal naast een weiland en een stier zet z’n hoorns erin.
  • Een steenmarter gebruikt de motorruimte van jouw auto als overnachtingsplek en knaagt voor de nodige knusheid alle bekabeling aan gort. 
  • Jouw paard trapt uit schrik met de achterbenen tegen jouw auto aan.
  • Je houdt hobbymatig een tiental kippen, welke ontsnappen en tientallen deukjes in je auto tokken omdat er graszaadjes op het dak zijn gewaaid.
  • Er staat een notenboom in de buurt van je woning; kraaien of kauwen gebruiken standaard jouw auto als provisorische notenkraker.

Bij dit soort vormen van ‘moedwillig’ toegebrachte schade door dieren geldt in beginsel hetzelfde als bij klassieke vormen van vandalisme. Zulke schades zijn uitsluitend gedekt onder een volledig cascoverzekering oftewel allriskverzekering. Claim je een dergelijke schade? Dan val je terug in schadevrije jaren, daal je op de bonus-malusladder en ga je méér premie betalen.

En let op: uitsluitend schades door plotselinge gebeurtenissen zijn gedekt. Zo treedt lakschade door intrekkende vogelpoep geleidelijk aan op, waardoor deze óók niet gedekt is op een allriskverzekering.

Foto credit – silhouet hert: Herbert Aust Pixabay)