Informatie auteur: dit artikel werd geschreven en/of inhoudelijk gecontroleerd door gecertificeerd autoverzekeringsexpert Ruud de Laat.

Het kán handig zijn om je kind (al dan niet met kinderzitje) voorin de auto te laten zitten. Vooral ook zitverhogers zijn om die reden veelgebruikte hulpmiddelen. Toch is deze oplossing is niet altijd toegestaan. De overheid hanteert bij overtredingen 140 euro boete. Gelukkig zijn de regels voor het vervoeren van kleine kinderen in de auto relatief gemakkelijk te begrijpen. Met welke veiligheidsregels en veiligheidsnormen heb je als vervoerder van jonge kids te maken? En hoe zit het als je normaliter géén kinderen vervoert?

Hierbij alles over het vervoeren van kinderen met de auto… Voorwaarts óf achterstevoren… In een babystoel, peuterstoel óf kinderstoel… Met buikschild óf harnas… En volgens de oude R44 (ECE 44/03 óf ECE 44/04) normering ón via de nieuwe i-Size (R129) norm…

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in...

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

Vanaf welke leeftijd mag een kind voorin de auto?

De overheid heeft een grens bepaald. Maar dat hebben ze niet gedaan op basis van leeftijd. Het gaat om de lengte van het kind in kwestie. Vanaf 1,35 meter oftewel 135 centimeter mogen kinderen zelfstandig voorin de auto zitten. Ze zijn dan groot genoeg om een gordel te dragen. Is een kind kleiner dan 135cm? Dan is een kinderzitje verplicht. Zonder een kinderstoel in de auto riskeer je 140 euro boete. Maar soms heb je te maken met een bijzondere situatie…

Hoe zijn de regels bij uitzonderlijke situaties?

Het is denkbaar dat je onverwachts met een kind ergens naartoe moet rijden. Bijvoorbeeld om een kind of diens ouder(s) te helpen in een noodsituatie. Als je zelf géén kinderen hebt, dan heb je waarschijnlijk óók geen kinderzitje. Krijg je dan tóch een geldboete opgelegd? Voor kinderen vanaf 3 jaar geldt dan een uitzondering. Deze uitzonderingsregel is enkel van toepassing als een kind onverwachts met een ander meerijdt. Het kind mag dan uitsluitend op de achterbank worden vervoerd. Een gordel is uiteraard verplicht.

Sowieso moet sprake zijn van vervoer over beperkte afstand door een ándere persoon dan de eigen ouder(s) of pleegouder(s). Bovendien moet redelijkerwijs NIET verwacht kunnen kunnen worden dat de bestuurder in kwestie over een kinderbeveiligingssysteem beschikt.

Kinderzitje achterstevoren plaatsen!

Kleine kinderen tot 15 maanden oud moeten achterwaarts in de autostoel zitten. Bij een ongeval heeft het kind dan minder kans op letselschade. Het hoofd van een baby is relatief groot en zwaar ten opzichte van het lichaam. En de nek is relatief dun en zwak. Zodoende kan er in geval van botsing een slingereffect optreden, met alle potentiële gevolgen van dien. Heeft je auto voorin een airbag die aanstaat? Dan mag je het kinderzitje NIET achterstevoren plaatsen. Want bij de activatie van de airbag kan het zitje dan naar achter schieten. Doe je dit wel, dan riskeer je een flinke boete.

Kinderzitjes: regels & boetes in het buitenland

Ga je op vakantie? Dan heb je in het buitenland te maken met ándere regels dan in Nederland. Zo is in Duitsland bij een lichaamslengte onder de 150 centimeter een kinderzitje verplicht. Over het algemeen liggende geldboetes in het buitenland lager dan in Nederland. Belangrijk —óók als je op reis gaat— is dat jouw kinderzitje over een ECE of i-Size keurmerk beschikt. Daarnaast mag er géén gordelverlenger worden gebruikt. Want die zijn vaak niet stevig genoeg om bij hevige impact een kinderzitje op zijn plaats te houden. Tip: met een inzittendendekking kun je óók een kind voorin de auto verzekeren tegen letselschade.

Méér informatie over babyzitjes, peuterzitjes & kinderzitjes…

Autogordels volstaan niet. Je kind vasthouden op schoot is al helemaal uit den boze. Een aantal belangrijke feiten en nuttige wetenswaardigheden ten aanzien van het vervoeren van jonge kinderen in de auto:

  • De basisregel voor het per auto vervoeren van kinderen luidt als volgt: elk kind kleiner dan 1,35 meter MOET bij wet in een goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem zitten.
  • Gebruik daarom te allen tijde een kinderstoeltje dat past bij de lichaamslengte en het lichaamsgewicht van jouw kind.

 

Kinderen voorin óf achterin de auto?!

  • Met het oog op de veiligheid mogen kinderen zowel voorin als achterin de auto worden vervoerd… Ongeacht de leeftijd, het gewicht en de lengte van je kind. Er zijn echter nog altijd partijen —waaronder ANWB— die volhouden dat de achterbank veiliger is. (bron)
  • Het klopt dat de voorkant van een auto veruit het vaakst en doorgaans ook het hardst wordt geraakt tijdens aanrijdingen. In dat opzicht is de middelste passagiersstoel op de achterbank inderdaad de veiligste plek in de auto.
  • Maar anderzijds kan een kind op de achterbank voor véél meer afleiding zorgen tijdens een autorit, waardoor de KANS op een impactvolle aanrijding aanzienlijk wordt vergroot.

 

Kind voorwaarts of achterwaarts plaatsen?!

  • Wel is het veiliger om baby’s zo lang mogelijk tégen de rijrichting in te vervoeren. Een achterwaarts gericht autostoeltje helpt namelijk letsel aan het kwetsbare hoofdje en nekje voorkomen.
  • De stelregel luidt als volgt: kinderen tot 4 jaar zijn véél veiliger indien zij achterstevoren in de auto worden vervoerd.

 

Soorten, typen & groepen R44-kinderbeveiligingssystemen…

  • Een kinderzitje moet voldoen aan de Europese wettelijke veiligheidseisen. Goedgekeurde modellen beschikken over een oranje labeltje met daarop de R44 norm oftewel normering ECE 44/03 óf ECE 44/04.
  • Er zijn verschillende ‘typen’ of ‘groepen’ stoeltjes en zitjes waarmee jonge en kleine kinderen in de auto kunnen worden vervoerd: het babyautostoeltje oftewel autobabyzitje, het peuterautostoeltje oftewel autopeuterzitje en het kinderautostoeltje oftewel autokinderzitje.
  • Een zitverhoger, zittingverhoger, stoelverhoger oftewel autostoelverhoger is een model autostoeltje dat uit 1, 2 of 3 losse delen bestaat die aan elkaar kunnen worden bevestigd…
  • In ieder geval een zitting, aangevuld met een rugleuning en/of een vangtafel (ook wel veiligheidskussen, buikkussen, druklichaam of ‘shield’ genoemd).
  • Een zittingverhoger zorgt er in beginsel voor dat een verplichte autogordel niet in de nek kan snijden en/of te hard in de buik kan drukken.
  • Abstracte termen als ‘autostoeltje’, ‘kinderstoeltje’, ‘peuterstoeltje’, ‘kleuterstoeltje’, ‘autozitje’, ‘kinderzitje’, ‘peuterzitje’ en ‘kleuterzitje’ worden in de praktijk héél vaak door elkaar gebruikt.
  • Een R44 babyautostoel gebruik je voor baby’s tót 12 maanden, tót 13 kilogram en tót 83 centimeter.
  • De R44 kinderautostoel (soms ook peuterautostoel genoemd) gebruik je voor kindjes tot 4 jaar en/of 18 kilogram.
  • Weegt je kind tussen de 18 en 22 kilo, gebruik dan een R44 zitverhoger met rugleuning, welke aanvullende bescherming bij botsingen biedt.
  • Is een kind 22 kilo of zwaarder? Dan kun je ook een R44 zittingverhoger zónder rugleuning gebruiken.
  • Hoe dan ook moeten kinderen met een lichaamslengte tót 1,35 (ongeacht leeftijd en lichaamsgewicht) sowieso in een goedgekeurde kinderbeveiligingszitting worden vervoerd. Zowel vóórin als áchterin de auto.
  • Via de website van het expertisecentrum VeiligheidNL kun je controleren welk autostoeltje c.q. kinderzitje optimaal bij jouw kind(eren) past. (bron)
  • Type i-Size autostoeltjes zijn overigens óók goedgekeurd; dit is de vernieuwde classificatie die R44 gaat vervangen (meer hierover onderaan deze pagina)…kinderen-voorin-auto-kinderstoel

 

 

 

 

Kinderzitjes & airbags

  • Baby’s dienen uitsluitend in een babyzitje op de voorstoel worden geplaatst nadat je de airbag hebt uitgeschakeld.
  • Sowieso kunnen actieve airbags gevaarlijk zijn voor kinderen (tot plusminus 12 jaar) wiens lichaamslengte nog niet past bij de hoogte en grootte van de airbag.
  • Het gevaar van een actieve airbag geldt des te meer voor een kinderzitje dat achterstevoren is geplaatst op de voorste bijzittersstoel c.q. bijrijdersstoel.

 

Installatie van kinderstoeltjes

  • Het is extreem belangrijk dat autogordels en autokinderzitjes exact volgens de door de fabrikant voorgeschreven richtlijnen worden geïnstalleerd en gebruikt.
  • Raadpleeg altijd de handleiding die meegeleverd wordt bij een autostoeltje…
  • Vraag desnoods (indien nodig) een expert c.q. deskundige om advies.

 

Vermijd gordelverlengers!

  • Gebruik nóóit een autogordelverlenger in combinatie met een autokinderzitje. De kwaliteit van gordelverlengers is niet (altijd) aan veiligheidstests en veiligheidseisen onderhevig.
  • Laat dus altijd een langere goedgekeurde autogordel in je auto aanbrengen indien autogordels te kort van stuk blijken te zijn.

 

Nieuwe norm: R129 i-Size met ISOFIX

  • Sinds 2013 wordt de nieuwe R129-norm (i-Size) stapsgewijs ingevoerd. Deze nieuwe Europese normering voor autostoeltjes vervangt langzaamaan de verouderde R44-norm (ECE).
  • Volgens de nieuwe R129-regelgeving moeten kinderen minimaal tot 15 maanden achterstevoren in een autostoeltje met ISOFIX-bevestiging worden vervoerd.
  • Ook mogen kinderen alléén nog achterstevoren in een kinderzitje voorin de auto worden vervoerd mits de airbag van de bijrijdersstoel wordt uitgeschakeld.
  • Tot slot gelden ándere / hernieuwde eisen voor voorwaarts óf achterwaarts gerichte autostoelen, lichaamslengtegrenzen én leeftijdsgrenzen…
  • De nieuwe type i-Size stoelen zijn eveneens ingedeeld c.q. onderverdeeld in drie groepen / varianten…
  • Type 1: achterwaarts gerichte i-Size stoel voor kindjes tot 83 centimeter én een leeftijd tot 15 maanden.
  • Soort 2: voorwaarts gerichte i-Size stoel voor kinderen tussen de 60 en 105 centimeter én ouder dan 15 maanden.
  • Groep 3: voorwaarts gerichte i-Size stoel voor kinderen tussen de 105 en 135 centimeter.
  • Vervoer je een kind kleiner dan 1,35 meter zonder kinderzitje? Of plaats je een kinderzitje in tegengestelde richting met actieve airbag? Dan ben je niet alleen onveilig bezig, maar ontvang je óók een geldboete van 140 euro.
  • Indien je een verouderd autostoeltje hebt, mag je deze blijven gebruiken navenant de oude R44-richtlijnen. Maar aangeraden wordt om een i-Size model aan te schaffen dat aan de nieuwe R129-eisen moet voldoen.
  • Sowieso worden steeds meer autostoeltjes bevestigd met middels ISOFIX-bevestigingsbeugels waarmee álle sinds 2014 gefabriceerde auto’s standaard uitgerust moeten zijn. Je vindt deze ISOFIX-beugelsets terug tússen zitvlak en rugleuning van achterbank en/of bijzittersstoel.
  • ISOFIX is een internationaal gestandaardiseerd kliksysteem —dat reeds in de auto aanwezig is— waarmee autostoeltjes héél gemakkelijk en zéér stevig kunnen worden vastgekliktq. vastgehaakt c.q. verankerd aan de auto.

 

Uitzonderingen qua gebruik autostoeltjes

  • Let op: er bestaan uitzonderingen qua wet- en regelgeving t.a.v. autogordels en autozitjes voor kinderen. Je vindt deze uitzonderingssituaties terug bij Rijksoverheid en op VeiligheidNL. (bron + bron)
  • Ook in het buitenland kunnen uitzonderingen op de regels gelden.

 

Schadeverzekering inzittenden voor inzittende kinderen

  • Let op: inzittenden van een auto (de bestuurder, diens bijrijder c.q. bijzitter én overige passagiers, waaronder óók kinderen) zijn bij een aanrijding NIET standaard verzekerd tegen financiële schade ten gevolge van arbeidsongeschiktheid, blijvende invaliditeit of overlijden…
  • De financiële gevolgen van zulke extreem ingrijpende of zelfs fatale letselschades zijn WEL gedekt onder een SVI (schadeverzekering inzittenden)! Een dergelijke verzekering kost doorgaans zo’n 3,50 tot 4,50 euro per maand.

 

En dan nog een aanvullende tip ter afsluiting: Controleer of het autoportier op de plek waar jouw kind zit over een kinderslot beschikt. Want mocht dit niet het geval zijn, dan zou je hier weleens in de praktijk kunnen achter komen… Zodra je kind bij de portierhandgreep kan… En het portier tijdens het autorijden op de snelweg openvliegt. 🙁