Informatie auteur: dit artikel werd geschreven en/of inhoudelijk gecontroleerd door gecertificeerd autoverzekeringsexpert Ruud de Laat.

Veilig autorijden, is in beginsel een kwestie van verkeersregels kennen en de opgedane kennis naar behoren toepassen. Jouw eigen ‘veiligheid in het verkeer’ is daarenboven een combinatie van voertuigbeheersing, verkeersinzicht, verantwoordelijkheidsbesef en algehele aandachtigheid. Hoe beter je bij de les blijft, des te kleiner de kans dat er iets vervelends gebeurt.

Bekijk hieronder de vijftien regels voor veilig autorijden in het verkeer en pas deze zo accuraat mogelijk toe in de praktijk…

 

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in...

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

Veilig autorijden, is in beginsel een kwestie van verkeersregels kennen en de opgedane kennis naar behoren toepassen. Jouw eigen ‘veiligheid in het verkeer’ is daarenboven een combinatie van voertuigbeheersing, verkeersinzicht, verantwoordelijkheidsbesef en algehele aandachtigheid. Hoe beter je bij de les blijft, des te kleiner de kans dat er iets vervelends gebeurt.

Bekijk hieronder de vijftien regels voor veilig autorijden in het verkeer en pas deze zo accuraat mogelijk toe in de praktijk…

Tips veilig autorijden net zo belangrijk als de regels?

Er bestaan enkele zéér effectieve algemene tips die veilig autorijden in het verkeer  stimuleren. Hierbij gaat het dus niet alleen om geldende Nederlandse wetgeving, maar JUIST ook om ongeschreven regels die onderhevig zijn aan ieders eigen interpretatie en invulling.

Hierbij 10 tips voor automobilisten ter verbetering van de algehele Nederlandse verkeersveiligheid…

1. Twee handen aan het stuur

Wellicht klinkt het ietwat betuttelend, maar het is écht raadzaam om twee handen aan het stuur te houden. Natuurlijk heb je af en toe één van beide handen nodig om bijvoorbeeld te schakelen, claxonneren of je ruitenwissers, verlichting, verwarming en luchtventilatie (airco, climate control e.a.) te bedienen. Maar als je overwegend met beide handen je autostuur vasthoudt, voorkom je dat je achteloos met je mobieltje, autoradio of navigatie gaat zitten rommelen. Met een oplettendere, doortastendere en veiligere rijstijl tot gevolg.

Sowieso is het rijden met twee handen aan het stuur een stuk verstandiger dan sturen met één hand. Slechts een enkele hand aan het stuur houden, is NIET verboden naargelang wetgeving of regelgeving. Punt is meer dat je met twee handen méér controle over je auto kunt uitoefenen dan met één hand. Bovendien verlies je minder gemakkelijk je grip op het stuur indien zich plotsklaps een tumultueuze verkeerssituatie voordoet.

Het is dus nergens in de Nederlandse wetgeving vastgelegd dat je als automobilist verplicht bent met twee handen het stuur van een auto vast te houden. Het bevordert simpelweg de verkeersveiligheid.

2. Telefoon NIET bij de hand

Er zijn redenen te bedenken waarom je jouw telefoon in de buurt zou moeten houden, zo óók in de auto. Bijvoorbeeld als directe familieleden ernstig ziek zijn… hoogzwanger zijn… op sterven liggen… Je telefoon bekijken, oppakken of opnemen, doe je echter uitsluitend als je stilstaat. Al autorijdende met je mobiele telefoon bezig zijn —al is het maar héél eventjes— is  absoluut not-done. Ongeveer 25% van alle auto-ongevallen als direct of indirect gevolg van mobiel telefoongebruik tijdens verkeersdeelname.

Het is dan ook bij wet verboden om tijdens het autorijden ‘handheld’ te bellen of überhaupt een mobiele telefoon vast te houden. Dit is vastgelegd in artikel 61a van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Leidt het bedienen van je telefoon tot gevaarlijk rijgedrag of weggedrag, dan kun je zelfs een bekeuring krijgen op grond van het algemene gevaarsartikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994). (bron + bron)

Veilig autorijden begint absoluut met het wegleggen van je mobiele apparatuur. Je kunt het maar al te vaak aan iemands stuurbewegingen zien dat diegene vanachter het stuur met zijn/haar telefoon bezig is.

3. Afstand bewaren!!!

Voldoende afstand bewaren tot je voorganger is van cruciaal belang om aanrijdingen en verkeersschades te voorkomen. Niet gek, want hoe korter je op de voorliggende auto zit, des te korter jouw potentiële remweg is. Natuurlijk spelen ook factoren als aanvangssnelheid, reactietijd, remvertraging en stopafstand een belangrijke rol… Maar onderaan de streep staat méér afstand gelijk aan mínder ongevallen.

Natuurlijk is het vervelend als iemand 10 of 20 kilometer langzamer dan de maximum toegestane snelheid rijdt op een plek waar je niet mag of kan inhalen. Toch is dit géén geldige reden om je voorganger aan te duwen. Bumperkleven is niet alleen asociaal, maar behoort ook nog eens tot de belangrijkste oorzaken van tweezijdige en meerzijdige aanrijdingen, waaronder kop-staartbotsingen en kettingbotsingen. En rijd jij achterop je voorganger? Dan ben je niet alleen schuldaansprakelijk (waarschijnlijk met terugval in schadevrije jaren tot gevolg)… Je brengt ook nog eens mensenlevens in gevaar.

Bovendien schieten bumperklevers tijd-technisch gezien NIKS op met hun agressieve rijstijl! In het gunstigste geval jaagt men een voorganger effectief op met dientengevolge een potentiële tijdswinst van een minuut. In het ongunstigste geval rijdt men keihard achterop diens voorligger en is men urenlang bezig met het invullen van schadeformulieren en het afhandelen van verzekeringskwesties. De stelregel is dan ook: minimaal twee seconden afstand bewaren: eenentwintig, tweeëntwintig (bron)…

Het gebeurt nog altijd té vaak dat iemand te kort achterop iemand zit en daardoor niet tijdig kan remmen zodra diens voorganger onverwachts tot stilstand komt. Houd daarom ALTIJD voldoende afstand ten opzichte van je voorganger, des te meer als je haast hebt en/of geagiteerd bent.

4. Afleiding uit de weg gaan

In het verkeer kan elke vorm van afleiding funest uitpakken. Hoe beter elke bestuurder zich op de weg concentreert, des te kleiner de kans dat zich verkeersongevallen voordoen. Over de oorzaken, gevolgen en voorkoming van concentratieverlies bij automobilisten lees je alles in dit voorgaande blogartikel van GoedkopeAutoverzekering.nl:

 

5. Secuur gordelgebruik

De huidige (wettelijk verplichte) driepuntsveiligheidsgordel is de allerbelangrijkste uitvinding óóit als het aankomt op de voorkoming van verkeersletsel. Dus —ja, extreem clichématig dit!— wees niet dom, doe je gordel om. Over de wettelijke en verzekeringstechnische voortvloeisels van gordelgebruik lees je alles in dit artikel over autogordels en gordelkorting:

 

6. Uitgerust de weg op

Over het algemeen is het ’s nachts verrassend rustig op de weg. Toch gebeuren er gedurende de nachtelijke uren verrassend veel ongelukken. Dit heeft grotendeels te maken met de mentale toestand van automobilisten. Met name de mate van uitgerustheid speelt een voorname rol. (bron) Hoe vermoeider je bent, des te onveiliger jij de weg op gaat en des te groter de kans op ongelukken. In dit artikel over ’s nachts autorijden vind je nog véél meet tips en adviezen aangaande autorijden in de nacht (geestelijke ‘frisheid’ en ‘alertheid’, nachtblindheid, blindstaren, autoverlichting, et cetera):

Tip: vul hier het kenteken van jouw auto in...

En vind direct een goedkopere autoverzekering!

7. Niet té comfortabel

Een stukje rijcomfort is natuurlijk onmisbaar, maar de mate van gerieflijkheid in jouw auto kán ook te ver gaan… en zelfs negatieve gevolgen hebben. Ga je bijvoorbeeld tijdens een after-dinner-dip onderuitgezakt achter het stuur zitten met de kachel op ‘standje sauna’ en een slaapverwekkend achtergrondmuziekje op de autoradio? Dan vraag je om problemen. Dit is namelijk niet bepaald veilig…

Neem bij voorkeur een actieve zithouding aan en houd jezelf actief, bijvoorbeeld door te praten of zingen. Merk je dat je in slaap dreigt te vallen? Rijd dan alsjeblieft NIET verder. Zet je auto stil op de eerstvolgende verantwoorde parkeerlocatie, informeer een bekende hiervan door een appje te versturen en slaap desnoods een paar uurtjes in de stilstaande auto.

(Maar mag je wel of niet in je auto slapen?)

Sinds de intrekking van de Wet Openluchtrecreatie (WOR) anno 2008 is ‘vrij kamperen’ namelijk niet langer verboden naargelang Nederlandse wetgeving. De meeste Nederlandse gemeenten hanteren echter wel een Algemene Plaatselijke Verordening die het slapen in een stilstaande auto verbiedt, aangezien je hiermee in feite ‘wildkampeert’. En wildkamperen is verboden, met uitzondering van ‘paalkamperen’ naargelang de regels van Staatsbosbeheer.

De meeste gemeenten verbieden ‘recreatief autoslapen’ op laste van een boete van 140 euro. De APV die men hanteert, luidt doorgaans als volgt: “Het is verboden de openbare weg als slaapplaats te gebruiken”. Desalniettemin is een boete van 140 euro een héél stuk acceptabeler en voordeliger dan een ingrijpende aanrijding. Sowieso wordt het incidentele en genoodzaakte slapen van een individuele automobilist in diens eigen auto op een parkeerplaats langs de snelweg maar al te vaak gedoogd.

Vooralsnog mogen beroepschauffeurs —dus chauffeurs werkzaam in het beroepsverkeer— wél in hun vrachtwagencabine slapen, aangezien zij moeten kunnen voldoen aan de rijtijdenwet: de wetgeving rondom rijtijden en rusttijden. Hieromtrent heerst echter al enige tijd discussie. (bron)

8. APK-gekeurd de weg op

Als je met een bepaalde auto de openbare weg op wilt, dan MOET deze APK-gekeurd zijn. APK staat dan ook voor Algemene Periodieke Keuring. Zonder geldige APK-keuring mag je —wettelijk gezien— dus niet autorijden. Niet onterecht, want tijdens deze keuring wordt bepaald of jouw auto nog wel voldoet aan alle wettelijke veiligheidseisen. De APK is letterlijk in het leven geroepen ter bevordering van de verkeersveiligheid. Over de goedkeuring of afkeuring naargelang de APK kun je meer lezen in dit blogartikel:

 

Komt jouw auto niet door de APK-controle, dan zal deze moeten worden gerepareerd. Veiligheidseisen worden gesteld aan onder andere de remmen, wielophanging, schokdempers, banden, stuurinrichting, verlichting en carrosserie. Daarnaast gelden milieueisen omtrent uitlaatgassen en eventuele olielekkage.

9. Verlichting optimaal afstellen

Wordt er regelmatig door tegenliggers naar je geseind? Of wordt uitsluitend de berm uitgelicht? Dan bestaat de kans dat jouw koplampen opnieuw zouden moeten worden afgesteld. De koplampen van jouw auto zouden namelijk periodiek moeten worden gekalibreerd zodat je optimaal ziet én gezien wordt. Als je onvoldoende zicht hebt op de weg kunnen onveilige verkeerssituaties ontstaan. Hetzelfde geldt als medeweggebruikers jou niet goed kunnen zien.

Voor veilig autorijden, is deugdelijke verlichting een absolute vereiste! Met een kapotte lamp mag je sowieso niet autorijden. De boetes voor defecte autoverlichting lopen uiteen van 45 euro tot 140 euro. In dit artikel over autoverlichting lees je meer over de wettelijke eisen aan ieders koplampen, achterlichten, knipperlichten, remlichten en achteruitrijlichten:

 

Het kalibreren oftewel afstellen van de autoverlichting kán je zelf doen. Als je niet zo handig bent, is het wellicht beter om dit klusje uit te besteden aan jouw autogarage of merkdealer. Overigens behoren goed functionerende en afgestelde autolampen tot de APK-keuringseisen.

10. Bandenkwaliteit waarborgen

De hoedanigheid van iemands autoverlichting kan een gigantische bijdrage leveren aan de algehele verkeersveiligheid. Hetzelfde geldt voor de staat van iemands autobanden. Naast verregaande verlichtingseisen hanteert de APK óók strenge bandeneisen. Zo moeten autobanden de juiste spanning hebben, over voldoende profiel beschikken en niet beschadigd zijn. Bandenspanning, bandenprofiel en bandenslijtage behoren dan ook tot de belangrijkste aandachtspunten als het aankomt op veilig autorijden.

Overigens moeten jouw autobanden niet alleen op spanning zijn, niet te ver versleten zijn en afdoende profieldiepte hebben. Aspecten als zomerbanden, winterbanden en sneeuwkettingen kunnen eveneens bijdragen aan de verkeersveiligheid.

11. Geen alcohol = veilig

Verkeerssituaties worden er nóóit veiliger op als er alcohol in het spel is. Integendeel: alcoholgebruik levert nog altijd een extreme bijdrage aan de algehele onveiligheid en gevaren in het wegverkeer. Dat komt doordat alcohol de rijvaardigheid enorm belemmert. Je reactiesnelheid vertraagt, de motoriek verslechtert, het blikveld versmalt, de kleurwaarneming vermindert, de zelfoverschatting neemt toe en je wordt suffer en slaperiger.

Niet voor niets dat er steeds weer nieuwe voorlichtingscampagnes op touw worden gezet om ‘rijden onder invloed’ tegen te gaan. Denk maar eens aan ‘Ik Rij Alcoholvrij’ en de talloze ‘BoB-campagnes’. Meer over de vreselijke gevolgen van alcoholgebruik in het verkeer lees je binnenkort in ons nieuwe blogartikel over autorijden onder invloed.

Pas overigens óók op met drugs en medicatie. Dus met geneesmiddelen en genotsmiddelen die een verdovende, stimulerende, bedwelmende of geestverruimende werking hebben. Lees altijd grondig de bijsluiter van jouw medicamenten door om te zien of ze de rijvaardigheid beïnvloeden.

12. Snelheid beperken

Op alle openbare wegen geldt een maximumsnelheid. Dit geldt voor lokale wegen, provinciale wegen, rijkswegen én autosnelwegen… Voor stroomwegen, gebiedsontsluitingswegen én erftoegangswegen… Voor A-wegen, E-wegen, N-wegen én S-wegen… En deze maximaal toegestane rijsnelheid is niet voor niets!

Want rijd je harder dan de geldende snelheidslimiet? Dan brengt dit bepaalde risico’s teweeg. Immers, hoe sneller jij rijdt, des te langer jouw remweg… Des te korter jouw potentiële reactietijd… Des te groter de kans op verkeersongevallen… Des te groter de kans op een ernstige of zelfs fatale afloop hiervan… Want des te groter de impact tijdens een botsing… (bron)

Rijd je sneller dan bepaalde verkeersomstandigheden of weersomstandigheden toestaan? Bijvoorbeeld zware sneeuwval of regenval, spitsdrukte, mistigheid, filevorming, gladheid, felle/laagstaande zon of de aanwezigheid van infrastructurele verkeersremmers/snelheidsremmers… Dan dien je daarop jouw snelheid aan te passen.

13. Richting aangeven

Hierboven hadden we het al even over bumperkleven: onvoldoende afstand bewaren tot je voorligger. Dit fenomeen behoort tot de belangrijkste ergernissen in het verkeer. Niet gek, want dit type rijgedrag is ronduit gevaarlijk. Niet alleen voor de bumperklever zelf, maar juist ook voor de bejegende wederpartij. Want waar de bumperklever controle heeft over de situatie kan het opgejaagde ‘slachtoffer’ niet of nauwelijks invloed uitoefenen. Diegene zal machteloos moeten afwachten en toezien, in de hoop dat de boel niet verder escaleert.

Helaas is ‘kleven’ niet de enige gevaarlijke verkeersergernis; het niet aangeven van richting staat eveneens ergens bovenaan het lijstje met alarmerende ergernissen onder automobilisten. Immers kan het niet gebruiken van je richtingaanwijzer (op een moment dat dit wél zou hebben gemoeten) zéér gevaarlijke toestanden opleveren. Voor meer informatie over het wettelijk verplichte gebruik van knipperlichten kun je desgewenst dit blogartikel raadplegen:

 

14. Voorrang verlenen

Een auto die op het allerlaatste moment nog nét voor jou langs schiet, terwijl je van rechts komt op een gelijkwaardige kruising… Iemand die door rood rijdt, terwijl jij groen hebt… En dan zijn er nog allerlei denkbare voorrangsmisstanden op parkeerterreinen, rotondes, invoegstroken, en uitvoegstroken… Het niet verlenen van voorrang behoort tot de belangrijkste botsingsoorzaken in het wegverkeer.

Voorrang verlenen, is niet slechts een kwestie van iemand op het nippertje voor laten gaan. Als je iemand voorlaat, moet je de betrokken verkeersdeelnemer daadwerkelijk in staat stellen om ongehinderd diens weg te vervolgen. Voorrang moet dus niet hoeven worden opgeëist. Als de voorrang hebbende ‘voorrangnemer’ of ‘voorrangkrijger’ hinder ervaart, zit je dus fout als voorrang verschaffende ‘voorranggever’ of ‘voorrangverlener’. Hiervoor gelden wettelijke voorrangsregels. (bron)

Iemand die recht heeft op voorrang moet ook écht in de veronderstelling zijn voorrang te ontvangen. Voorrang verlenen, begint dan ook al bij het benaderen van een kruising. Keihard komen aanscheuren en op het allerlaatste moment vol op de rem trappen, wordt dan ook gezien als géén voorrang geven. En verstrek je iemand ten onrechte géén voorrang? Dan ben je daarmee in overtreding van artikel 15 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). (bron)

Logischerwijs kan het niet verlenen van voorrang tot extreem gevaarlijke verkeerssituaties leiden. Als je recht hebt op voorrang en terecht in de veronderstelling bent voorrang te krijgen, maar géén voorrang krijgt, is de kans op een frontale botsing immers zéér groot.

15. Niet onnodig links rijden óf rechts inhalen

In beginsel is ieders plaats op de weg zo veel mogelijk rechts. Dit verkeersprincipe zorgt ervoor dat er kan worden ingehaald door weggebruikers die willen inhalen. Het kan dan ook uitermate irritant zijn als jouw voorligger onnodig links rijdt. Hiermee wordt bedoeld dat iemand verder uitwijkt naar links dan de huidige verkeerssituatie vereist.

Natuurlijk moet je tijdelijk een baantje opschuiven als je iemand inhaalt. Maar zodra je jouw inhaalmanoeuvre hebt voltooid, behoor je weer terug te gaan naar de meest rechter rijbaan of rijstrook. De stelregel is dan ook dat je rechts houdt zolang je in een tijdsbestek van 10 seconden niemand inhaalt.

Er zijn zelfs mensen die standaard op de middelste rijbaan rijden met hun Cruise Control aan. Lekker gemakkelijk voor de betreffende bestuurder, want hij/zij kan achteroverleunen en de daadwerkelijke verkeersdeelname overlaten aan de overige weggebruikers. Medeweggebruikers die harder rijden, mogen echter niet links inhalen en zijn dan ook genoodzaakt om meerdere banen op te schuiven om wetmatig te kunnen inhalen.

Zodoende wordt de meest rechter rijbaan buiten spel gezet en wordt het links onnodig druk. Met verkeershinder, chaos, opstoppingen en zelfs potentiële filevorming tot gevolg. En wat gebeurt er dan? Men gaat de ‘cruiser’ links inhalen. Maar ook dát levert maar al te vaak gevaarlijke taferelen op. Overigens zijn er ook mensen die —veelal vér boven de maximumsnelheid— links inhalen zonder dat er onnodig wordt links gereden. Dit is dés te gevaarlijker, aangezien de meeste automobilisten hier niet op anticiperen.

Zowel onnodig links rijden als links inhalen, gaat ten koste van de verkeersveiligheid. Dus wil je veilig autorijden? Haal dan NIET links in, zélfs niet als jouw voorganger minutenlang onnodig links rijdt.

Tips voor veilig autorijden in het verkeer: tot slot…

Hierboven vind je onze 15 belangrijkste regels voor veilig autorijden, evenals tips om de algehele verkeersveiligheid te bevorderen. Factoren als stuurtechniek, afleidingselementen, afstandsbewaring, gordelgebruik, mentale gesteldheid, APK-keuring, autoverlichting, bandenkwaliteit, rijsnelheid, voorrangsverlening en algeheel rijdgedrag spelen een cruciale rol.

In het algemeen geldt dat je als automobilist waakzaam moet zijn op medeweggebruikers, verkeersregels, verkeersborden en verkeerstekens. Doe rustig aan, want haastige spoed is zelden goed. Zeker ten aanzien van veilig autorijden! 🙂